Wie al langer aan de Programmatische Aanpak Grote Wateren (PAGW) werkt, kent de discussies en keuzes die aan het programma voorafgingen. Voor nieuwe collega’s is die voorgeschiedenis minder vanzelfsprekend. Zij stellen dan ook logische vragen over de basis van het programma. Waarom is PAGW eigenlijk een programma? En waarom staat systeemherstel zo centraal? En de projecten die nu worden opgeleverd zoals Vierhuizergat-Lauwersmeer of de Buitendijkse Slibsedimentatie: hoe past dat in dat systeemherstel? Dat zijn goede en terechte vragen. Vragen die in het programmaplan, maar ook in de vele brieven en memo’s die in de loop der jaren zijn verschenen, uitgebreid zijn beantwoord. Alleen: hoe vind je als nieuwkomer precies die memo waarin het antwoord op jouw vraag staat? En wanneer vind je de tijd om die vervolgens goed te lezen?

Laten we het hebben over het hart van de PAGW: waarom is systeemherstel essentieel voor onze grote wateren?

De grote wateren: rijk aan leven

Voor alle grote wateren in Nederland gelden duidelijke doelen voor een gezonde waterkwaliteit. Die zijn vastgelegd in de Kaderrichtlijn Water (KRW). Daarnaast zijn onze grote wateren vanwege hun bijzondere natuurwaarden allemaal aangewezen als Natura 2000-gebied onder de Vogel- en Habitatrichtlijn (VHR). Ook de Natuurherstelverordening besteedt er veel aandacht aan, onder meer in de artikelen 4, 5 en 9. Dat deze wateren met meerdere wettelijke opgaven te maken hebben, is niet zo verwonderlijk. Een delta, waar rivieren en zee samenkomen, behoort tot de rijkste ecosystemen ter wereld. Zoet water gaat geleidelijk over in brak (half zoet, half zout) en vervolgens naar zout water. Zand en slib zijn voortdurend in beweging en zorgen voor een grote variatie aan leefgebieden. Juist die dynamiek en de overgangen tussen verschillende habitats maken het ecosysteem zo rijk.

Onze grote wateren zijn dan ook van grote betekenis voor talloze soorten. Sommige leven er permanent, andere gebruiken het gebied om zich voort te planten of voedsel te vinden. Voor trekvogels vormen de Nederlandse delta’s een belangrijke schakel in de internationale trekroute, de zogenaamde flyway. En voor trekvissen zijn onze rivieren en delta’s de toegangspoort tot de grote Europese rivieren, zoals de Rijn, Maas, Schelde en Eems.

De druk op de delta

De Europese richtlijnen verplichten ons om belangrijke leefgebieden en soorten te beschermen, te herstellen en te behouden. Ook moeten onze wateren, zoals rivieren en meren, een goede ecologische toestand bereiken. Toch worden in onze grote wateren nog steeds veel van deze doelen niet gehaald. En daarin staan we niet alleen. Juist in delta’s over de hele wereld is de achteruitgang van soorten en aantallen groot. Dat is niet zo vreemd. Delta’s zijn aantrekkelijke plekken voor mensen om te wonen en te werken. Grote steden, havens en andere economische activiteiten hebben het landschap ingrijpend veranderd. Ook zijn maatregelen genomen om ons te beschermen tegen overstromingen. Daardoor is de fysieke ruimte voor natuurlijke dynamiek en de overgang tussen verschillende leefgebieden steeds kleiner geworden. En daarmee hapert de motor die het ecosysteem draaiende houdt. De klimaatverandering komt daar nog eens bovenop. Juist in delta’s zijn de gevolgen ervan goed merkbaar. Zeespiegelstijging, veranderende rivierafvoeren en stijgende watertemperaturen zetten de natuur verder onder druk. De opgave om onze grote wateren gezond en veerkrachtig te maken, wordt daarmee alleen maar urgenter.

Beeld: © Studio 38c

Rijn-Maasmonding Maasvlakte Slufterstrand

De motor moet weer gaan draaien

Uit verschillende evaluaties en analyses komt steeds hetzelfde beeld naar voren: er zijn vooral grote maatregelen nodig die het functioneren van het hele ecosysteem verbeteren. Maatregelen die de motor van het ecosysteem weer aan de praat krijgen en die bijdrage aan de klimaatopgave. Het heeft weinig zin om alleen iets voor één soort te doen als het systeem verder verarmt. Bijvoorbeeld omdat leefgebieden verdwijnen of barrières ervoor zorgen dat vissen hun paai- en opgroeigebieden niet meer kunnen bereiken. Het herstel van het systeem vraagt daarom om maatregelen die op grotere schaal ingrijpen en verschillende problemen tegelijk aanpakken. Maar zulke maatregelen zijn niet van de ene op de andere dag gerealiseerd. Ze vragen vaak om een intensief gebiedsproces, verschillende procedures en een lange voorbereiding.

PAGW werkt aan het hele systeem

De kracht van PAGW zit in het benaderen van het hele systeem. Door verschillende opgaven in samenhang aan te pakken, kunnen maatregelen meerdere doelen én Europese richtlijnen tegelijk dienen. Het doel van de PAGW is een toekomstbestendig en robuust systeem creëren dat tegen een stootje kan. Systeemherstel is daarvoor een voorwaarde.

Maatregelen die niet alleen bijdragen aan natuurherstel, maar ook aan maatschappelijke opgaven, noemen we Nature-based Solutions (NbS). Ook de systeemmaatregelen van PAGW vallen hieronder. Door natuurwaarden te herstellen en nieuwe natuur te ontwikkelen, kunnen deze maatregelen tegelijkertijd bijdragen aan andere opgaven. Denk bijvoorbeeld aan waterveiligheid en de beschikbaarheid van zoetwater, belangrijke doelen binnen het Deltaprogramma. En niet onbelangrijk: de meeste NbS zijn een goed voorbeeld van klimaatadaptief bouwen. Voorbeelden hiervan zijn de ecologisch ingerichte vooroevers, zoals bij de HWBP-projecten IJsselmeerdijken of Moerdijk-Drimmelen, waar natuur zorgt voor waterbescherming, de maatregel klimaatbestendig is en CO2-gebruik vermindert.

Van streefbeeld naar systeemherstel

De ambitie om te komen tot robuuste ecologische wateren is uitgewerkt in het landelijke streefbeeld en in de streefbeelden voor de vier verschillende grote wateren. Die streefbeelden laten zien hoe de systemen functioneren en wat nodig is om ze weer gezond en robuust te laten functioneren. Een belangrijk uitgangspunt daarbij is dat de grote wateren niet op zichzelf staan. Ze zijn met elkaar verbonden en beïnvloeden elkaar. Het IJsselmeer en de Grevelingen lijken bijvoorbeeld afzonderlijke wateren, maar maken onderdeel uit van de grote delta. Een landelijk streefbeeld helpt daarom om niet alleen naar afzonderlijke wateren te kijken, maar ook naar het functioneren van de delta als geheel. De streefbeelden beschrijven welke natuurlijke processen nodig zijn en welke maatregelen daarvoor genomen kunnen worden, binnen de kaders van onder meer waterveiligheid en economische activiteiten. Zo kunnen de wateren weer goed functioneren.

Beeld: © Streefbeelden

toekomstbestendige grote wateren met een goede waterkwaliteit en veerkrachtige natuur. De ecologische streefbeelden passen in een veilig en leefbaar land.

Verschillende maatregelen en verschillende wateren

Wat nodig is voor systeemherstel verschilt per groot water. In de Waddenzee is bijvoorbeeld meer estuariene dynamiek nodig. Hier bedoelen we onder andere een grote rol voor brak water en natuurlijke processen. Meer ruimte voor sedimentatie en erosie en betere zoet-zoutverbindingen zijn belangrijk voor verschillende beschermde leefgebieden en soorten. Ook het herstel van zeegras, een belangrijk doel vanuit de KRW, is afhankelijk van de juiste mate van dynamiek.

In het IJsselmeergebied ligt de nadruk meer op geleidelijke overgangen tussen land en water en op natuurlijk peilbeheer. Dat is belangrijk voor soorten als de roerdomp en grote karekiet, die in het gebied onder druk staan.

In het Rivierengebied gaat het om meer natuurlijke variatie in waterstanden en stroomsnelheden en om ruimte voor sedimenttransport en de aanvoer van organisch materiaal. Zonder die dynamiek komen typische (beschermde) rivierhabitats, zoals glanshaver- en vossenstaarthooilanden of alluviale bossen, verder onder druk te staan.

In de Rijn-, Maas- en Scheldemonding is vooral de verbinding tussen rivieren en zee van belang. Meer ruimte voor getijdendynamiek kan het leefgebied van trekvissen verbeteren en bijdragen aan het behoud en de ontwikkeling van zachthoutooibossen, bijvoorbeeld in de Biesbosch (zie voor meer uitgewerkte voorbeelden de ‘Analyse bijdrage PAGW systeemmaatregelen aan kernopgaven van de Vogel- en Habitatrichtlijn (VHR) en Kaderrichtlijn Water (KRW)’ van de PAGW werkgroep ecologie, 2025).

Een systeemsprong vraagt om samenhang

Een systeemmaatregel bestaat vaak uit meerdere grote en kleine ingrepen. Die ingrepen moeten in samenhang worden uitgevoerd om het systeem daadwerkelijk te laten veranderen. Het doel is een zogenoemde systeemsprong: een duurzame verandering waardoor het hele systeem weer robuuster en beter gaat functioneren. Daarbij is iedere ingreep belangrijk. Een afzonderlijke maatregel kan lokaal goed werken, maar voor herstel op systeemniveau zijn alle onderdelen nodig. Juist daarom zijn de systeemmaatregelen binnen PAGW zo belangrijk. Zonder deze maatregelen is het niet realistisch om de ecologische doelen in de grote wateren duurzaam te halen en verdere achteruitgang te voorkomen.

Werkt het ook in de praktijk?

Tot zover de theorie, maar werkt het ook in de praktijk? Systeemherstel kost tijd. De eerste PAGW-projecten worden nu opgeleverd, maar na oplevering weten we niet meteen het effect. De natuur heeft vaak wat hersteltijd nodig. Bovendien zijn dit de eerste stappen richting systeemherstel. Een maatregel die lokaal goed werkt, zorgt niet direct voor een systeemsprong in een groot en complex water.

Toch zijn de eerste resultaten bemoedigend. Zo lijkt de getijdeduiker tussen het Lauwersmeer en  Vierhuizergat goed te werken. Dit gebied is opnieuw met de Waddenzee verbonden. Er zijn al veel vissen en andere soorten waargenomen. Ook bij de Marker Wadden zijn meer jonge vissen waargenomen. En ook uit Noordwaard komen goede berichten (project ruimte voor de rivier 1.0). Daar zijn soorten teruggekeerd die eerder zijn verdwenen. Het zijn nog geen eindresultaten. Maar ze laten wel zien dat wanneer we de natuurlijke processen weer ruimte geven, de natuur daarop reageert. De eerste klimaatadaptieve maatregelen richting systeemherstel zijn daarmee gezet.

Slimmer combineren

De kennis die we opdoen helpt ons om opgaven in de toekomst slimmer te combineren. Daar zijn al mooie voorbeelden van, zoals Lith Bokhoven waar we samenwerken met het HWBP. Die aanpak kunnen we nog vaker inzetten. Als we verschillende opgaven samen met gebiedspartners aanpakken, kunnen we niet alleen meer bereiken, maar het ook beter doen.  

Beeld: © Streefbeeld

Kansrijke combinaties van maatregelen voor een gezonde ecologische waterkwaliteit en veerkrachtige natuur in de grote wateren en maatregelen voor klimaatadaptatie.